U bent nu hier:

Industrie en universiteit: samenwerken graag!

Henk Jan Out Henk Jan Out

Universiteiten werken vaak samen met farmaceutische bedrijven. Dat ligt ook voor de hand, vindt Henk Jan Out, hoogleraar farmaceutische geneeskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen. Maar die samenwerking kan beter, want wantrouwen staat innovatie van geneesmiddelen in de weg. Academia en industrie moeten elkaar juist zien als gelijkwaardige partners.


Klinisch geneesmiddelenonderzoek is complex. Allereerst vereist het een lange adem van de onderzoeker om goedkeuring te krijgen van overheid en ethische commissies. In Nederland duurt dat gemiddeld zo'n 150 dagen.

Daarnaast is specifieke kennis van de regelgeving nodig, samengevat onder de noemer Good Clinical Practice (GCP). Maar vooral moet er voldoende geld zijn om alle onderzoekers te betalen, de analyses te doen, de vaak kostbare bepalingen te verrichten, enzovoort.

Samenwerking ligt voor de hand

De farmaceutische industrie ontwikkelt nieuwe geneesmiddelen, weet hoe de regels zijn, en heeft financiële middelen om die studies uit te voeren. Samenwerking tussen universiteiten en deze bedrijven ligt dan ook voor de hand en gelukkig gebeurt dit zeer frequent.

Toch voelen veel academici zich niet gelukkig bij die samenwerking. Ze hebben het gevoel dat hun wetenschappelijke onafhankelijkheid wordt aangetast. Ze hebben te weinig invloed op de opzet van de studie en na afloop vertrouwen ze de analyses niet, zeker als het resultaat teveel in het straatje van de fabrikant past.

Ook willen academici eigenlijk graag onderzoek doen op gebieden waar de industrie niet in geïnteresseerd is, vaak om commerciële redenen. Anderszijds houdt de industrie af en toe haar hart vast als zij ziet hoe amateuristisch universiteiten klinische studies aanpakken. Maar al te vaak wordt een trial gedaan door een arts-assistent, naast het drukke klinische werk.

Wantrouwen staat innovatie in de weg

Noodzakelijke documentatie, concentratie en nauwgezetheid zijn vaak ver te zoeken. Dit levert een gevaar op voor de sponsor bij een eventuele inspectie. Kortom, wantrouwen staat geneesmiddeleninnovatie in de weg. Wat staat ons te doen?

Bedrijven moeten transparant zijn over hun bedoelingen, het protocol, het recht op publicatie, het registreren op publieke trialregisters en de betalingen. Hier bestaan internationale spelregels voor en er zijn prima afspraken over te maken die ook vastgelegd kunnen worden in contracten.

Ongeacht de uitkomst zullen de resultaten gepubliceerd moeten worden. De innovatieve farmaceutische industrie heeft zich meermalen verplicht dit te doen.

Goed kwaliteitssysteem

Tegelijk moeten universiteiten zich realiseren dat ze de kwaliteit van een trial niet kunnen overlaten aan bijklussende clinici. Een goed kwaliteitssysteem waarbij alle GCP elementen goed beschreven worden, is essentieel.

Verder kunnen ze wat vaker begrip tonen voor de soms wat rigide overkomende spelregels van de industrie. Zij kunnen vaak niet anders omdat internationale regelgeving hen daartoe dwingt. Ook de opzet, methodologie en beoogde patiëntenpopulaties zijn vaak al vastgesteld door de Food and Drug Administration (FDA) in de Verenigde Staten of de European Medicines Agency (EMA) in London.

Geneesmiddelenonderzoek waarin de industrie niet geïnteresseerd lijkt, kan overigens vaak wel gedeeltelijk worden ondersteund met zogeheten 'educational grants'. Hierbij liggen de sponsorverplichtingen geheel bij de universiteit. De fabrikant draagt financieel bij, of door levering van medicatie.

Geen nieuwe geneesmiddelen zonder samenwerking

Zonder samenwerking tussen industrie en universiteit komen er geen nieuwe geneesmiddelen. Dit vereist begrip voor elkaars verschillende verantwoordelijkheden. Het betekent ook dat onderzoekers zich moeten kunnen binden aan een bedrijf zonder gestigmatiseerd te worden als besmette, niet meer geloofwaardige partij in een wetenschappelijk debat.

De discussie over de rol van adviseurs bij de landelijke griepvaccinatie is een treurig voorbeeld hoe het debat over belangenverstrengeling in Nederland uit de hand is gelopen. Nieuwe geneesmiddelen blijven nodig. Dus, academia en industrie: zie elkaar als gelijkwaardige partners en werk samen in het belang van de patiënt!

8 februari 2010
Henk Jan Out

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Gerelateerd:

Datum   Titel
18-05-2012 Combinatietherapie tegen CLL veelbelovend
18-05-2012 Cocaïne vermindert werking ADHD-medicijn
18-05-2012 Development of new neurobiological strategies to treat patients with cocaine dependence
18-05-2012 Microenvironment and anti-CD20 based therapies in CLL
18-05-2012 Leefstijlinterventie Vital@Work niet goed genoeg

-- Advertentie --

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd